Omgaan met weerstand – 7 tips

Vaak ervaren we weerstand in het dagelijks leven. Dit geeft veel onrust. Rust in je hoofd ontstaat wanneer je de weerstand opgeeft. Weerstand is het tegenover gestelde van flow. Van overgave. Van meedansen met alle bewegingen die er zijn. Weerstand is een statische energie die je blokkeert.

Als je innerlijk vrij wilt zijn, is het de kunst om oké te zijn met weerstand. Om oké te zijn met ‘geen zin, moe zijn, verveeld, afhaken, verzet, ik wil dit niet…’ Weerstand versterkt namelijk weerstand.

Als je heel goed kijkt – en dit heb ik altijd onthouden dan kun je zien dat:

Weerstand en spanning voortkomt uit een gedachte. Een gedachte of idee over hoe het zou moeten zijn op dit moment. Over iets wat je niet wilt ervaren, voelen of onder ogen wilt zien.

Op het moment dat je dat gaat zien. Dat het leven anders gaat dan je denkt. Dat je geen controle hebt. Dat je als het ware vecht met een rivier, een stroom die er is. Of dat je probeert die stroom of de rivier te veranderen.

Dan kun je weerstand zien als een dam die je in het leven legt. Dat geeft alleen maar een stuwing of grote kracht in het water. Zo zorgt weerstand ook voor spanning in je lichaam.

De stroom kun je zien als denken en voelen. Het denken en je emoties, gevoelens zijn als een stroom, zo veranderlijk en altijd in beweging. Het beste kun je dat laten gebeuren en ernaar kijken.

Do not resist resistance – Adyashanti

Als weerstand de ruimte krijgt en er ook mag zijn, dan gaat het vanzelf voorbij. In de yoga spelen we ook met de weerstand in een houding. Je kunt jezelf vandaag een ademruimte geven als je vandaag weerstand ervaart. Adem een paar keer bewust in en uit. Het gaat vanzelf weer voorbij.

7 stappen om om te gaan met weerstand:

  1. Zie dat weerstand voortkomt uit een idee. Een gedachte, idee die je over de realiteit van dit moment legt. Kun je het idee herkennen en zien dat het niet NU is?
  2. Weerstand blijft zichzelf in stand houden, zolang het er niet mag zijn. Weerstand op weerstand versterkt dus de weerstand. Zie dat het er nu eenmaal is en verwelkom het. Zie dat je het niet wilt voelen, wat het ook is.
  3. Als je de gedachte hebt herkend die hieraan vooraf gaat, kun je je aandacht heel fysiek maken. Via je lichaam. Waar toont het zich als een verkramping? Of een fysieke spanning? Voel het in je lichaam.
  4. Geef de regie op over denken en voelen (dat gaat je nooit lukken) en ontspan er maar in. Het gaat weer voorbij. Het is veranderlijk.
  5. Zie dat jij de waarnemer bent, de weerstand herkent in de vorm van een verkramping in je lichaam en een gedachtenverhaal.
  6. Iets is stabiel aanwezig en ziet al je pogingen om dit te beïnvloeden. Breng daar je aandacht naar het ZIJN.
  7. Laat alles er zijn, precies zoals het nu is. Neem het niet in eigendom. Duw het tegelijkertijd niet weg. Voel de grond onder je en dat je beschikbaar bent. Open je voor alles wat er nu is. Jij bent ruimte voor alles. Onveranderlijk en open. Hierin zal de weerstand geen bedding meer kunnen vinden.